De toonaangevende Dow-Jonesindex noteerde bij sluiting van de beurs onveranderd op 10.465,94 punten. De breed samengestelde S&P 500-index kwam ook niet van zijn plaats en bleef op 1101,59 punten. Technologiebeurs Nasdaq kreeg er een klein plusje van 0,1 procent bij op een stand van 2254,70 punten.
Volgens het ministerie van Handel groeide de Amerikaanse economie in het tweede kwartaal minder sterk dan in het eerste. Deze terugval kwam vooral doordat de import sterker toenam dan de export. De cijfers duiden op een vertraging van de economische groei. Daar kwam een nog steeds dalend consumentenvertrouwen bij. In juli stond de vertrouwensindex op het laagste niveau sinds november.
Tegenwicht
Diverse bedrijfscijfers boden enig tegenwicht. Geneesmiddelenfabrikant Merck en levensverzekeraar MetLife maakten voorbeurs beter dan voorspelde kwartaalcijfers bekend. Het aandeel Merck profiteerde niet en verloor 1,7 procent. MetLife boekte wel een koerswinst van 4,8 procent.
Olieconcern Chevron rapporteerde zelfs een verdrievoudiging van de winst in het tweede kwartaal, meer dan analisten hadden verwacht. Het aandeel noteerde 0,2 procent hoger. Andere oliefondsen bleven achter; Exxon Mobil leverde 1 procent in.
Bankfondsen
De Dow moest het vooral hebben van bankfondsen en industriële conglomeraten. Aluminiumconcern Alcoa was een van de stijgers met een winst van 2 procent. Vliegtuigproducent Boeing zag de koers 1,4 procent omhooggaan.
De Nasdaq kreeg een oppepper van onlinereisorganisatie Expedia. Die rapporteerde beter dan verwachte winstcijfers, waarop het aandeel 8 procent steeg.
Op de valutamarkt noteerde de euro 1,3033 dollar, tegen 1,3050 bij het slot van de Europese beurzen.